| Wanneer |
| |
Op 12 augustus 1615 werd het eerste kind van vijf van Christianus Veulemans en Margarite Cremers geboren in Kapellen. De jongste zoon, Joannes Veulemans, eveneens geboren in Kapellen op 14 april 1636, huwde in 1678 ene Catharina Bogaerts in Zuurbemde. De meeste Veulemansen zijn niet ver van de kerktoren geweken en blijven ook nu nog trouw aan de Hagelandse roots, maar ons stamboomonderzoek bracht wel enkele verrassingen aan het licht…
Priester Petrus (Peter) Constantinus Veulemans, (achter-, achterkleinzoon van Joannes en Catharina) vertrok in 1821 samen met 7 seminaristen (waaronder de later bekende Jan Pieter De Smet) naar de Verenigde Staten van Amerika. Peter wilde als missionaris naar de indianen maar kreeg van de Jezuïeten enkel een kleine parochie toegewezen in Maryland.
|
|
Bron: http://www.waymarking.com/waymarks/WM9WH
Vermoedelijk owv die teleurstelling gooide hij enkele jaren later zijn priesterkleed over boord, huwde in 1840 Kessiah Watkins en stichtte een gezin.
Hij overleed op 7 februari 1797 in Halls MO, US en werd begraven op het Kerlin Cemetery.
Zijn afstammelingen veranderden hun familienaam en zijn nu gekend als Velman.
Onderstaande tekst werpt een andere maar gelijkaardige blik op onze familie:
(bron: brochure 'Heemkundige Kring Glabbeek' - Jaarboek 2004, Alex Laermans)
Verleden jaar was ik bij het surfen op het internet op het spoor gekomen van een in Brussel geboren Fransman, die het tijdens de Amerikaanse secessieoorlog (1861-1865) tot generaal had geschopt. Tussen de vele informatie die ik over de man vond, stond kort vermeld dat hij in Amerika gehuwd was met de Belgische Caroline Veulemans. Omdat er in onze gemeente nogal wat Veulemansen wonen was mijn nieuwsgierigheid meteen gewekt. Grondiger onderzoek naar deze vrouw volgde.
Het artikel over de emigratie in 1835 van Hagelanders naar de Nieuwe Wereld legde meteen de link naar Caroline. In de lijst van landverhuizers stonden namelijk de namen van haar vader en moeder, die ook op het internet stonden vermeld. De blokjes van de puzzle pasten in elkaar. Hier volgt het verhaal van deze merkwaardige vrouw en haar even opmerkelijke echtgenoot in het X1Xde-eeuwse Amerika.
Toen Joannes Franciscus Veulemans met zijn gezin in New York ontscheepte, zeilde hij met een schip de Hudsonrivier op. Het gezin voer daarna door het Eriekanaal (geopend in 1825, lengte 544 km, het verbindt de Hudson met het Eriemeer). Via de Miami, die vanuit het Eriemeer vertrekt, bereikte men de monding van de Ohio in Caïro. Daar bouwde Joannes Franciscus een vlot, waarmee hij de Mississipi afvoer tot bij de monding van de Red River, in de staat Louisiana. Daar vestigde het gezin zich in Natchitoches. Het zou er tot 1840 blijven en er plezierige en droeve dagen kennen.
Marie Caroline Veulemans werd er geboren op 20 mei 1838. Op 25 november 1839 volgde er nog een meisje, dat de naam Mary Catharine kreeg.
In Natchitoches heerste evenwel een ongezond klimaat dat het leven kostte aan de drie jongste kinderen, die nog in Kapellen geboren waren: Norbertus (°omstreeks 1829), Maria Phlippina (°omstreeks 1833) en Maria Carolina (°omstreeks 1834).
In 1840 trok het zwaar getroffen gezin daarom weg uit Louisiana. Met een paardenspan reisde men tot Versailles, in de buurt van Saint-Louis (Missouri). John Francis (zo noemde men ondertussen Joannes Franciscus) legde er zich succesvol toe op de veeteelt. Te voet bracht hij zijn beesten op de markt van Saint-Louis. Op 23 januari 1853 stief hij plots aan pleuritis in Tipton (Missouri).
In 1852 had Mary Caroline haar toekomstige echtgenoot voor het eerst ontmoet in Saint-Louis. Jean-Baptist-Victor Vifquain was te Sint-Joost-ten-Noode geboren op 26 mei 1836 als natuurlijk kind van Jean-Baptist Vifquain uit Doornik en Isabelle Devuyst, een naaistertje van 20 jaar. Victors ouders trouwden nooit maar Jean-Baptist erkende zijn buitenechtelijke kinderen - op 15 juli 1840 kreeg Victor nog een zusje, Isabelle - bij notariële akte van 6 januari 1845. Sedertdien droegen de kinderen de naam Vifquain.
Vader Jean-Baptist, die in Franse staatsdienst was geweest onder het Keizerrijk van Napoleon, had zich in de herfst van zijn leven in Frankrijk gevestigd. Victor wilde dan ook deelnemen aan het examen van de Ecole Imperiale Militaire om daarna in de zeevaart te gaan. Vader Vifquain verzette zich hiertegen en stuurde zijn zoon naar het Wilde Westen, waar hij handel dreef met de Indianen. Toen de gezondheidstoestand van Jean-Baptist verslechterde, keerde Victor in 1854 terug naar Frankrijk. Vader Vifquain stierf op 31 augustus 1854 in Ivry-sur-Seine.
Victor Vifquain slaagde in het toegangsexamen van de Koninklijke Militaire School en begon zijn opleiding tot officier op 15 januari 1855. Als heethoofd en haantje-de-voorste kon hij zich slecht aan de militaire tucht onderwerpen. Op 25 mei 1856 werd hij dan ook van school weggestuurd en kwam als onderofficier terecht bij het 5de Linieregiment. Op 8 november 1856 kreeg hij ook daar zijn ontslag.
Op 12 augustus 1856 werd de erfenis van Jean-Baptist Vifquain verdeeld. Het grote huis aan de Koningstraat te Brussel werd verkocht aan de Jezuïeten, die er het Huis der Bollandisten vestigden. Een kerk en klooster werd in de tuin van het goed gebouwd. De verkoopakte diende om de erfgenamen toe te laten tot een verdeling over te gaan. Ondanks het feit dat de vader hen erkend had, konden volgens de toenmalige wetgeving Victor en Isabelle geen aanspraak maken op enig erfdeel zonder akkoord van de wettige kinderen. Deze laatsten ontvingen ieder 13/45 van het immense fortuin van Jean-Baptist. Victor en zijn zus ieder 3/45.
Met zijn erfdeel keerde Victor in mei 1857 terug naar Amerika, waar hij zich vestigde in Round Hill, Cooper County (Missouri). Op 9 september 1857 trad hij in het huwelijk met Caroline Veulemans (de huwelijksakte vermeldt Veullman).
Het volgende jaar vestigde het jonge koppel zich in het Wilde Westen, 2;5 km stroomopwaarts van de West Blue River, in de buurt van Salt Creek, in Saline County (Nebraska Territorie), halverwege de huidige steden Crete en Milford.
Caroline was opgegroeid op een hoeve en was dus vertrouwd met het harde boerenleven. Zij wist wat er hen dus te wachten stond op de afgelegen farm. In 1860 telde het hele Saline County slechts 29 mensen, vrouwen en kinderen inbegrepen. Victor en Caroline waren een der eerste settles in de streek. Pas na 1865 kwam een sterke Tsjechische kolonie toe.
In 1859 keerde Victor terug naar Europa voor een bezoek aan zijn moeder. De zwangere Caroline bleef alleen achter op de farm. Op 28 juli kreeg de farm bezoek van 300 Indianen op oorlogspad. De groep bestond uit Comanches en Kiowa. Beide stammen waren van plan om een Pawneedorp uit te roeien. Ze slaagden daar later ook in omdat de Pawnee op jacht waren; in het dorp waren slechts ouderlingen, vrouwen en kinderen achter gebleven.
Caroline hield de Indianen te vriend door hen een hele os te eten te geven. Terwijl de Indianen het vlees boven hun vuren roosterden, brachten ze haar een uitgelezen stuk van het dier en hingen de huid over de omheining.
Een omstandige beschrijving van deze Indianenraid, geschreven door Caroline Veulemans, verscheen in 1923 in Reminiscences and Proceedings from the Nebraska Pioneers' Association.
Op 21 oktober 1859 werd de oudste zoon Victor Emmanuel geboren.
Vanaf 1860 werd het druk in de familie Vifquain-Veulemans. Victor hielp de nieuwkomers zich in Saline County installeren. Maar daarnaast nam hij ook dienst in het leger van de Unie tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog. Er lagen vele oorzaken ten grondslag aan de tweespalt tussen het industriële Noorden en het katoenverwerkende Zuiden. Het meningsverschil over de slavernij had het Amerikaanse volk zo ver verdeeld, dat er geen verzoening meer mogelijk leek.
Toen Abraham Lincoln de presidentsverkiezingen van 1860 won, begonnen vele zuidelijke staten zich af te scheiden. Ze riepen Jefferson Davis uit tot hun eigen president. Vanaf 1861 stonden 23 noordelijke staten met 22 miljoen inwoners tegenover 11 zuidelijke staten met 9 miljoen inwoners.
Op 20 juni 1861 werd bij de Vifquains een tweede zoon, Elmer Francis, geboren. In juli daaropvolgend vertrok Victor naar het 53ste New York regiment. In 1862 muteerde hij naar het 97ste Illinois regiment. Zijn oorlogsbelevenissen heeft hij te boek gesteld in het werk To Capture Jefferson Davis.
Terwijl Victor op het slagveld eer behaalde, vocht Caroline op hun farm tegen de wisselvalligheden van de harde Nebraskaanse winters, de veeziekten en onbetrouwbare hulp. Zij maakte zich nog het meeste zorgen over de Indiaanse aanwezigheid in de streek (van Sioux, Cheyenne, Kiowa, eerder dan de Pawnee).
Terwijl vele vrouwen, wiens mannen naar de oorlog waren getrokken, konden beroep doen op de steun van hun familie of buren, had Caroline helemaal geen familie of buren in het verlaten Nebraska. Daarom besloot zijn voor de duur van de oorlog naar haar moeder te verhuizen in Round Hill, Missouri.
Toen Victor in de loop van 1863 de eerste geruchten opving van de slachtingen, die de Sioux in Minnesota aanrichtten, vroeg hij op 5 juli om een verlof van 20 dagen. Uiteindelijk vond hij zijn vrouw en zonen in Round Hill bij Tipton, Missouri. Een plaatselijke dokter vond dat Victor in een zo deplorabele fysieke staat verkeerde dat hij hem een lang herstelverlof voorschreef. In september 1863 keerde hij pas terug naar zijn eenheid. Tijdens dit verlof werd de kleine Theresa Isabella verwekt (°Tipton 21 april 1864). Moeder Caroline en haar drie kinderen keerden terug naar hun farm in Nebraska.
In 1864 onderscheidde Victor zich in Louisiana. Ondertussen had Caroline af te rekenen met de Sioux, die het westelijke deel van de territorium (Nebraska was op dat ogenblik nog geen staat) brandschatten.
Victor trachtte naar zijn vrouw en kinderen terug te keren en bood zijn ontslag aan in het leger maar dat werd hem geweigerd. Zijn aanwezigheid was vereist in Texas. Pas in oktober 1865 verliet hij het leger nadat hij in april de Medal of Honor van het Amerikaanse Congres had ontvangen.
Het echtpaar was herenigd en weldra werd John Baptist geboren op 24 juni 1866.
Na de Burgeroorlog bleef Victor niet bij de pakken zitten. Hij was scout voor een groep kolonisten in de vallei van Republican River en hielp mee aan de stichting van een stadje Orleans in Harlan County.
In 1867 trok hij zelfs even naar Ierland om deel te nemen aan een poging tot opstand tegen het Engelse bestuur. De Fenians vormden een vereniging die in 1858 werd opgericht in de Verenigde Staten. Deze wilde zelfbestuur voor het Ierse volk. Maar in Ierland kregen ze geen gehoor bij het volk omdat de geestelijkheid ertegen was. De Fenians begonnen zich militair te organiseren in Amerika. In juni 1866 maakten ze zich even meester van Fort Erie en in Europa poogden ze tussen september en november 1867 Ierland los te maken van Brittannië. Er werden aanslagen gepleegd in Liverpool en Manchester. De Engelse politie arresteerde vele leiders en drie ervan werden ter dood gebracht. Dat betekende het einde van de Fenians.
Caroline wist ondertussen al lang dat haar man een avonturier was. Zij stond ondertussen aan het hoofd van de familie, die op 5 juni 1868 werd vergroot met een dochter, Marion Blakely. Op 25 september 1869 werd Leopold geboren. Dit kind stierf echter na 1 dag tot groot verdriet van Caroline.
Op 12 juli 1870 stierf haar moeder Maria Theresia Van de Poel.
Victor stortte zich tevens in de politiek in de Democratic Party als vertegenwoordiger van het Territorium Nebraska. Hij lag mee aan de basis van de erkenning van Nebraska als staat op 1 maart 1867. Hij hielp talrijke nederzettingen stichten in de nieuwe staat, o.a. Melrose Stockade.
Op 21 april 1872 werd Mary Caroline geboren en op 27 mei 1874 volgde H. Charles Joy. Deze jongen erfde het avontuurlijke bloed van zijn vader. Hij verbleef als volwassene onder de goudzoekers van de Yukon Valley in Alaska. Hij stierf in 1962.
In 1879 stierf Victors moeder. Hij richtte een krant op, de Daily State Democrat, uitgegeven in Lincoln, de hoofdstad van Nebraska. Op 23 maart 1880 werd het laatste kind geboren in de familie Vifquain-Veulemans, Josephine Gertrude. Door zijn krant verbleef Victor veel in Lincoln terwijl Caroline de boerderij leidde met 8 kinderen, waarvan de oudste 21 was en de jongste 1.
Dit moeten harde tijden geweest zijn voor het gezin. Toen haar man in 1886 een aanstelling kreeg als diplomaat in Colombia vertrok de hele familie naar Bogota.
Wat liet de familie achter in Saline County? Eerst en vooral de angst voor de Indianen totdat de Pawnee en Sioux omstreeks 1870 in reservaten werden ondergebracht. Verder waren er de felle blizzards, zoals die in 1866 en 1873. In 1872 werden ze getroffen door een tornado en in 1873 door een prairiebrand.
Er waren ook goede dingen gebeurd. De nederzettingen in de buurt groeiden in aantal en bevolking. Er was ook de school die men in 1864 op hun eigendom bouwde wat de kinderen een kans gaf om een opvoeding te krijgen.
Vier jaren later keerden de Vifquains in 1890 terug naar Lincoln. Victor werd aangesteld als adjudant-generaal bij de Nationale Garde. Voor zijn deelname aan de oorlog tegen de Sioux in 1892 kreeg hij de Gold Medal.
In 1893 keerde Victor opnieuw terug in diplomatieke dienst, deze keer als consul-generaal in Panama. Op 1 februari 1895 stief Marie Caroline Vifquain in Colon (Panama). Later werd haar lichaam overgebracht naar Calvary Cemetary in Lincoln (Nebraska).
In Panama bekommerde Victor zich vooral over het lot van de vele Chinese koelies, die meehielpen aan de bouw van het Panama-kanaal. Daarvoor ontving hij de Orde van de Dubbele Draak vanwege de Keizer van China. In 1897 keerde de familie terug naar Lincoln (Nebraska).
Bij het uitbreken van de Spaans-Amerikaanse Oorlog in 1898 werd Victor opnieuw militair. Hij kreeg een aanstelling als luitenant-kolonel en later als full-kolonel. Hij voerde zijn regiment naar Cuba maar kwam te laat om nog deel te nemen aan de gevechten. In plaats daarvan hielp hij bij de wederopbouw van het land.
De jaren na de Spaans-Amerikaanse Oorlog verliepen rustig. De familie Vifquains verbleef niet langer op de farm maar in Lincoln. In januari 1904 stierf Victor Vifquain, onder zijn nakomelingen nog steeds vermeld als The General. Ondertussen begonnen Caroline's kinderen te sterven: Victor Emmanuel in februari 1902 aan tyfus, Josephine in 1907 en Elmer in 1917.
Op 88-jarige leeftijd, na een huwelijk van 47 jaren en 9 kinderen, stierf May Caroline Veulemans op 14 juli 1926 in Lincoln (Nebraska).
Daarmee komen we aan het einde van de biografie van het echtpaar Vifquain-Veulemans. Hun afstammelingen hebben een jaarlijkse reünie en een website, waaraan ik vele details van deze levensbeschrijving te danken heb.
Vooral wil ik mevrouw Sally Stauffer, echtgenote van Gary Victor Vifquain, bedanken omwille van de uitgebreide informatie, die ik bij haar mocht vinden. Gary Victor is een nakomeling van John Baptist Vifquain.
Bunsbeek 27 november 2003.
De memoires van Vifquain zijn door zijn nakomelingen uitgegeven en verschenen onder de titel "The 1862 Plot to Kidnap Jefferson Davis"
(ISBN-13:978-0-8032-9630-5 en ISBN-10:0-8032-9630-4)
|
|
|